Onze Stad

Wij werken aan

  • Continue in gesprek met de stad
  • Versterken van zelforganisatie
  • Ondernemen met open data

Onze stad

Onze opgave

Actief meedoen in de stad als het gaat om je omgeving, veiligheid, sport of onderwijs. Dat is wat inwoners willen. En terecht, want de tijd dat er naar de gemeente gekeken wordt is voorbij.

Inwoners zelf aan de slag laten gaan, laten creëren, laten bedenken, dat is waar Onze Stad zich hard voor maakt. Met de inzet van sociale media, interactieve beleidsvorming, online inspraak en via handige apps. Onze Stad, getrokken door Tilburg, gaat voor het continue gesprek met de inwoner.

Wat zeggen politieke partijen over digitalisering?

Digitalisering, een voor ons netwerk wellicht belangrijk thema bij de aanstaande verkiezingen! Wat zeggen de partijen hierover? ICT Nederland heeft de partijprogramma’s getoetst op de aandacht voor digitalisering op zes thema’s die zij beschouwen als belangrijke randvoorwaarden voor een succesvolle digitale economie.

In onderstaand schema zie je een overzicht van de resultaten.

Op de website vind je een interactieve versie van het schema met ook een uitgebreide beschrijving per partij.

Open data over Tilburg online

De gemeente Tilburg beschikt over open data die belangstellenden gratis kunnen gebruiken voor een app of een website. Dinsdag 17 januari opende wethouder Erik de Ridder het Open Data platform Tilburg. Met een druk op de knop werden 37 datasets ontsloten.

Voorbeelden datasets

Voorbeelden van gegevens die gebruikt kunnen worden, zijn: strooiroutes, locaties van vuilcontainers, honden-uitlaatplekken, openbare toiletten, monumentale bomen, gemeentelijke monumenten en de plekken die zijn aangemerkt als ‘beschermd stadsgezicht’. Deze open datasets zijn bronnen van onbewerkte informatie die openbaar zijn en waar geen rechten van derden voor gelden. De gegevens zijn niet tot personen te herleiden en zijn geschikt voor automatische verwerking. De gemeente heeft nu veel van deze informatie ontsloten. De gegevens staan op de websites www.dataplatform.nl en www.data.overheid.nl.

Transparant

Wethouder Erik de Ridder maakte de datasets openbaar. ‘Ten principale horen wij als overheid niets te verbergen te hebben’, motiveert de wethouder de keuze om datasets openbaar te maken toe. ‘Op basis van een beslisboom kijken wij wat eventuele uitzonderingen hierop zijn. Denk aan persoonsgegevens. In dat geval zijn het geen open data en dus niet openbaar. Maar in alle andere gevallen zijn wij in Tilburg graag volledig open over wat we doen.’

Bron: Tilburg.nl

 

Data; het nieuwe goud?

In het tweede college  in de DSA Smart City Collegereeks op 15 december stond de rol van data in smart cities centraal. Data als het nieuwe goud, wat betekent dat precies en wat komt er allemaal bij kijken? De rol van data, dataplatformen, bewerking van data, data-infrastructuur en datavisualisatie en de Rotterdamse praktijk kwamen allemaal voorbij deze avond.

Verschillende experts namen ons mee in de wereld van data

Saxion

Mettina Veenstra gaf ons een kijkje in de projecten en onderwijs van Hogeschool Saxion samen met Enschede. In Enschede wordt vanuit de hogeschool samengewerkt met de gemeente en bedrijven aan de ontwikkeling van een dataplatform voor de collectie, distributie en gebruik van data over én voor de stad.

CBS

Marjolijn Das ging dieper in op het gebruiken van verschillende databestanden en het combineren van datasets om waarde te creëren. Marjolijn ontleedde samen met de deelnemers een case en lichtte daarmee een tipje van de sluier op over wat er allemaal komt kijken op het gebied van databewerking.

OSCity

Mark van der Net inspireerde ons met een mooie presentatie over de mogelijkheden en de waarde van data door datavisualisatie. Datavisualisatie is niet zomaar een leuke, fancy manier om data weer te geven. Nee, het is vooral een manier om data in perspectief te plaatsen en daarmee te verrijken.

Gemeente Rotterdam

Hoe pakt Rotterdam het nu precies aan? Frank Vieveen vertelde ons er meer over in het laatste deel van het college. Frank startte met een aantal concrete voorbeelden van Smart City projecten en ging vervolgens verder in op de Rotterdamse visie op Smart Cities, verschillende transitiepaden (roadmap Next Economy) en zijn theoretische model over de samenhang in data-architectuur. Hij sloot af met een mooi project in Rotterdam: het gebruik van 3D(-visualisatie).

Volgende college: het ecosysteem van Smart City

Donderdag 19 januari staat het derde Smart City college op het programma. Dit college staat in het teken van het Smart City Ecosysteem. Hoe werken partijen en belanghebbenden, die op enige manier baat, belang of invloed hebben, samen op het aan Smart Cities? Experts in dit college komen van het PBL, KPN, Min I&M en gemeente Amsterdam. Bekijk hier meer info.

Samen werken aan duurzaamheid en bereikbaarheid: via online én offline community

Duurzaam Diepenveen start samen met de gemeente Deventer en Provincie Overijssel het initiatief Duurzame Mobiliteit Diepenveen (DMD). Het doel is om een betrokken community te bouwen rond opgaven en oplossingen van vervoer, mobiliteit en duurzaamheid, nu en in de nabije toekomst. Hierbij wordt nadrukkelijk gebruik gemaakt van een interactief online community platform, dat dient als samenwerkingsinstrument, kennisknooppunt en communicatiewebsite voor en door de samenleving.

Hoe houden we Diepenveen bereikbaar

Inwoners van het dorp Diepenveen raken in de nabije toekomst hun buslijn 161 kwijt. In 2017 wordt de dienstregeling aangepast en rijdt de bus op zaterdag niet meer tussen Deventer en Zwolle. Vanuit vervoerdersperspectief is dat logisch, want er stappen in Diepenveen gemiddeld maar 14 mensen in op de 20 dagelijkse ritten. Lege bussen zijn een belangrijke reden voor de Provincie Overijssel om de bestaande OV-tactiek aan te passen. Tegelijkertijd is de traditionele rol van de bus als voornaamste drager van het regionaal OV netwerk aan het verdwijnen en komt er een keur aan collectieve en particuliere bottom-up alternatieven, als het gaat om vervoer en mobiliteit.

Ideeën uit de community via online en offline platform

De deelnemers kunnen zelf groepen aanmaken over alle onderwerpen die te maken hebben met mobiliteit en duurzaamheid, maar ook over het initiatief Duurzame Mobiliteit zelf. Zo is er een groep “het beste idee” die zich bezig houdt met het organiseren van de prijsvraag (challenge) in februari en maart 2017 voor het dorp. Er worden handige korte factsheets opgesteld door de groep “factsheet bouwers”. Zo fungeert het onderdeel ‘Groep’ als een online (en offline) samenwerkingsinstrument.

Meedenken en feedback welkom!

Het initiatief wordt gefinancierd door de Provincie Overijssel en duurt tot na de zomer 2017. Het wordt op dit moment vooral getrokken door de kwartiermaker Mark Verhijde en de andere deelnemers van de groep “kartrekkers”. Het aantal deelnemers groeit de afgelopen weken gestaag, omdat steeds meer Diepenveners het community platform ontdekken en in gesprek raken over de toekomst van hun dorp, hun leefbaarheid en hun vervoer.

Wil je meedenken of heb je tips over het betrekken van inwoners en bedrijven bij dit soort vraagstukken via een online platform? Laat het weten aan Mark Verhijde.

Hoe open? Festival: SODA award uitgereikt en quickscan gepresenteerd

Op 12 december vond het Hoe Open? Festival het Leer- en Expertisepunt Open Overheid plaats te Utrecht. Hoe werkt een Open Overheid eigenlijk? En hoe open kan de overheid zijn? Op het festival is onder andere de Quickscan Open Overheid gepresenteerd. En is de eerste Stuiveling Open Data Award uitgereikt aan startup Bleeve!

Quickscan Open Overheid

Een kleine honderd inspirerende voorbeelden komen uit de eerste landelijke quickscan transparantie en Open Overheid. De quick scan analyseert de openheid en transparantie van meer dan honderd overheidsorganisaties: provincies, grote gemeenten, waterschappen en uitvoeringsinstanties. Door goede voorbeelden te laten zien, willen de Provincie Zuid-Holland en het Leer- en Expertisepunt Open Overheid, als initiatiefnemers van de quick scan, overheden van elkaar laten leren hoe zij nog transparanter en opener kunnen worden.

Inspirerende voorbeelden

De organisaties zijn onder de loep genomen door het bekijken van vier pijlers: Open Data, Open Verantwoording, Open Spending en Open Contact & Open Aanpak. Enkele van die inspirerende voorbeelden zijn:

  1. De gemeente Schiedam heeft een interactieve kaart. Daarop zijn onder andere monumenten, kunst, molens wandelingen en informatie over de oorlog te vinden. Naast de data en de locatie is er vaak een verhaal toegevoegd. Hierdoor gaat de data leven en wordt er meer duiding gegeven;
  2. De provincie Noord-Brabant ontsluit met haar begroting  veel informatie en metadata over de financiële gegevens. Dit leidt ertoe dat de financiële gegevens beter te begrijpen zijn voor de lezer;
  3. DUO heeft grote databestanden met data in een hoog detailniveau. Van elke basisschool kan bijvoorbeeld de gemiddelde CITO-score gedownload worden. Zo kan onderzoek gedaan worden naar de kwaliteit van verschillende typen onderwijs, maar kunnen ook slecht functionerende scholen direct aangesproken worden;
  4. Provincie Zuid-Holland heeft een subsidieregister in een Excelbestand, waardoor men gemakkelijk zelf een analyse kan uitvoeren op de verstrekte subsidies;
  5. Hoogheemraadschap van Delfland maakt de ontvangen WOB-verzoeken openbaar, inclusief de antwoorden. Dit leidt ertoe dat ze bij een terugkerend WOB-verzoek de aanvragen kunnen doorverwijzen naar de openbare WOB-verzoeken.

Bleeve wint eerste Stuiveling Open Data Award

Startup Bleeve heeft vandaag de eerste Stuiveling Open Data Award (SODA) ontvangen uit handen van minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De HuisScan van Bleeve geeft woningeigenaren snel en eenvoudig inzicht in de beste energiebesparende maatregelen voor hun specifieke woning, op basis van open data. Los van de voordelen die een duurzame woning biedt voor het individu heeft dit ook een positieve maatschappelijke impact.

Bleeve komt als beste uit de bus door de innovatieve combinatie van verschillende open data bronnen, zoals CBS data, de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) en het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN). Op basis van daarvan bepaalt de HuisScan het type woning van een gebruiker, zijn verwachte gemiddelde energieverbruik en de potentie van de woning voor zonnepanelen. Al deze data wordt opgehaald op basis van postcode en huisnummer van de woningeigenaar. In combinatie met gegevens die de woningeigenaar zelf invult wordt een beeld van de woning opgebouwd. Hierdoor kunnen woningeigenaren gemakkelijk en laagdrempelig zien hoe ze hun huis effectief kunnen verduurzamen.

Hier vind je meer over de award en het juryrapport.

 

Stuiveling Open Data Award – finalisten bekend!

De jury van de Stuiveling Open Data Award nodigt onderstaande zeven inzendingen uit om zich te presenteren tijdens het Hoe Open? Festival op 12 december. Die dag reikt minister Plasterk, in aanwezigheid van mevrouw Saskia J. Stuiveling, de allereerste SODA uit aan één van deze inzendingen. De winnaar van de SODA ontvangt €20.000 euro.

Inzendingen SODA2016

Hieronder staan – in willekeurige volgorde – de potentiële winnaars van de SODA. Ben je benieuwd naar alle andere inzendingen? Bekijk ze dan in dit overzicht. In dit dit overzicht staan de inzendingen die aan de wedstrijdvoorwaarden voldoen.

Boer&Bunder

Boer&Bunder is een webapplicatie die de toegankelijkheid van vijf open data sets vergroot door de data te visualiseren op perceelsniveau. De app toont deze data voor alle 1,9 miljoen hectare landbouwgrond in Nederland. Met de app kan een akkerbouwer met één klik beschikbare open data over zijn percelen oproepen. Bekijk het filmpje.

Bleeve HuisScan

De HuisScan van Bleeve heeft als doel woningeigenaren snel en eenvoudig inzicht te bieden in de beste energiebesparende maatregelen voor hun specifieke woning. Dit doen we door onder andere gebruik te maken van verschillende open data punten. Bekijk het filmpje.

Open Archieven

Open Archieven is een meertalige website die historische akten van Nederlandse archieven doorzoekbaar en zichtbaar maakt. De website richt zich op personen die meer over hun voorouders of familiegeschiedenis willen weten. Het ontwerp van de website is responsive. Bekijk het filmpje.

Open Spending

Met Openspending.nl krijg je inzage in de huishoudboekjes van gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen. Je kunt per overheid de begroting vergelijken met de daadwerkelijke uitgaven. Bekijk het filmpje.

Argu Politiek

Argu Politiek is een webapplicatie waarmee het volgen van zowel de lokale als de nationale politiek een stuk eenvoudiger wordt. Bekijk wat politici en partijen stemmen in de gemeenteraad of de Tweede Kamer, welke voorstellen ze indienen, met welke thema’s ze bezig zijn en hoe ze zich verhouden met andere partijen. Bekijk het filmpje.

MobilityAnalyst

De web-app MobilityAnalyst maakt gevolgen van nieuw mobiliteitsbeleid direct inzichtelijk en helpt in het besparen van reistijd, kosten en CO2-uitstoot. Vanaf nu kunnen werkgevers objectief en overzichtelijk het effect van specifieke werkgeversmaatregelen eenvoudig zélf in kaart brengen. Bekijk het filmpje.

GoOV

GoOV is een app op een smartphone voor begeleiding van mensen met een verstandelijke of cognitieve beperking die moeite hebben met zelfstandig reizen, en wel met het openbaar vervoer willen gaan reizen. Met GoOV kunnen zij veilig en zelfstandig het OV gebruiken. Bekijk het filmpje.

SODA?

De prijs draagt de naam draagt van de vorige president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling. Stuiveling kreeg deze prijs bij haar afscheid als president van de Algemene Rekenkamer, maar vooral als voorvechter van open data. Zo instuiveling-open-datatroduceerde zij de trendrapportages open data bij de Algemene Rekenkamer. Zelf heeft ze het liever niet over de Stuiveling Open Data Award. SODA moet het zijn. Lekker kort en krachtig. De prijs gaat dan ook niet over haar, maar over sprankelende ideeën en toepassingen met open data, geeft zij zelf aan.

Kom naar de uitreiking

Ben je benieuwd naar de sprankelende ideeën, innovatieve toepassingen en de winnaar? De uitreiking van de eerste SODA vindt 12 december plaats tijdens het Hoe Open? Festival op het hoofdpodium van TivoliVredenburg in Utrecht. Wil je bij de uitreiking aanwezig zijn? Meld je dan snel aan voor het Hoe Open? Festival .

Congres City Deal Inclusieve Stad

Dat de ‘City Deal Inclusieve Stad’ leeft onder veel professionals en ambtenaren die bezig zijn met de uitvoering van de WMO, Participatiewet en Jeugdwet, bleek wel uit de hoge opkomst op het gelijknamige congres op 12 oktober. Van welzijnswerker tot staatssecretaris: elke aanwezige deed enthousiast mee aan kennisoverdracht en het delen van de laatste ontwikkelingen rondom deze bijzondere ‘deal’. Initiatiefnemers van dit congres in de Jaarbeurs Utrecht waren VNG, G32, Initiate en Platform31.

Wat is het?

De City Deal ‘Inclusieve Stad’ is een van de samenwerkingsverbanden vanuit Agenda Stad. Vijf gemeenten met veel armoede (Enschede, Eindhoven, Leeuwarden, Utrecht en Zaanstad) en drie ministeries (VWS, WVC en BZK) trekken samen op om met een baanbrekende en integrale aanpak armoede en sociale uitsluiting tegen te gaan. Leidraad is dat niet de ‘systeemwereld’ (knellende wet- en regelgeving) maar de leefwereld van de hulpvrager centraal staat. Waardoor laatstgenoemde écht structureel geholpen wordt en daarnaast ook nog eens flink bespaard wordt op zorgkosten.

Hoe werkt het?

De multi-problematiek van zo’n 100 kwetsbare gezinnen uit de vijf steden is sinds begin 2016 door de plaatselijke sociale wijkteams op een totaal andere manier aangepakt en gerapporteerd. Dat wat het gezin daadwerkelijk nodig heeft om weer mee te kunnen doen, is het uitgangspunt.

Elk gezin krijgt een alternatief ondersteuningsplan ‘waarbij alles gedereguleerd wordt wat dit betere plan in de weg zit’. Iedere institutie die iets aan dit betere plan kan bijdragen, doet mee: gemeente, woningcorporatie, zorgverzekeraar, onderwijs, justitie, telecom- en energiebedrijven. Geholpen door al aanwezige krachten in de stad zoals vrijwilligers en sociaal ondernemers.

Beoogd resultaat: een duurzame gedragsverandering bij deze gezinnen. Uiteindelijk doel is om deze nieuwe ziens- en werkwijze uiteindelijk bij álle kwetsbare gezinnen door heel Nederland toe te passen. Lees meer over de precieze aanpak.

Het congres

Na een introductie door Han Noten (voorzitter Transitiecommissie Sociaal Domein) en Hans Weggemans (projectleider City Deal Inclusieve Stad) volgde een tafelgesprek over rollen, bevoegdheden, kansen en obstakels binnen deze City Deal. Deelnemers waren o.a. de staatssecretarissen Martin van Rijn en Jetta Klijnsma. Conclusie was dat we al een heel eind op de goede weg zijn dankzij alle informatie die uit de 100 gezins-experimenten naar boven gekomen is.

Na het tafelgesprek werden maar liefst 11 verschillende workshops met voor ieder wat wils aangeboden. Een greep uit deze workshops: ‘Managen van een Inclusieve Stad’, ‘Sociaal werker, pak de ruimte!’, ‘Betere samenwerking bij oninbare schulden’ en ‘Maatwerk vraagt om bestuurlijk lef’. Ook werd een film met ervaringen van praktijkmensen getoond.

Meer weten?

Was je niet bij het congres? Kijk dan de film of download de tijdens het congres uitgereikte publicatie. Wil jij ook met je gemeente meedoen aan de City Deal, of wil je in contact komen met de initiatiefnemers? Mail of bel dan naar Lidy Steenwinkel van de Digitale Steden Agenda op 06-52892504.

Inzending voor Stuiveling Open Data Award geopend

Wie wint de eerste Stuiveling Open Data Award? Dat wordt duidelijk op 12 december aanstaande, als de winnaar van de eerste Stuiveling Open Data Award (SODA) de prijs ontvangt uit handen van minister Plasterk.

De overheid stelt zoveel mogelijk eigen data vrij beschikbaar. Om de inspanningen van overheidsorganisaties en hergebruikers van deze open data zichtbaar te maken en te belonen, wordt vanaf dit jaar namelijk de SODA uitgereikt. In het bijzonder is de award, ingesteld door BZK, bedoeld om te laten zien wat er mogelijk is met open data en om het gebruik van open data aan te moedigen en in te zetten voor maatschappelijke vraagstukken.

De prijs

Er wordt één award uitgereikt. De winnaar ontvangt een geldbedrag van € 20.000 voor de verdere investering en ontwikkeling van de toepassing. Gebruik van open data voor maatschappelijke, democratische en/of economische meerwaarde staat voorop. Daarnaast is het natuurlijk ook een mooie gelegenheid om toepassingen in de schijnwerpers te zetten.

Voor wie is deze wedstrijd?

De wedstrijd is voor iedereen die een toepassing heeft gemaakt waarbij open data van de Nederlandse overheid gebruikt wordt, zoals een website, app of visualisatie. Zowel bestaande toepassingen als nieuwe ideeën mogen meedoen (minimaal een werkend prototype). Alle toepassingen, groot en klein, maken kans. Je mag zelfs drie inzendingen doen, dus de boodschap is: laat zien wat je in huis hebt! Bedrijven, startups, privé personen, overheidsorganisaties en maatschappelijke organisaties maken kans op de award.

Doe mee!

Ben of ken jij iemand met een open data toepassing? Deelnemers hebben tot en met 8 november om een inzending te doen. Daarbij wordt ook een filmpje gevraagd, van maximaal 1 minuut. Dat filmpje kan allerlei vormen hebben: je kunt zelf in beeld vertellen wat de toepassing inhoudt en waarom jij moet winnen, maar een demo-filmpje of een aantal beelden die weergeven wat de toepassing is, mag ook. Maar wacht niet te lang, zorg dat de inzending op tijd binnen is om kans te maken op die 20.000 euro! Doe je inzending via: www.opendata-award.nl/doe-mee. Op deze website vind je ook de wedstrijdvoorwaarden en jurycriteria.

SODA?

De prijs draagt de naam draagt van de vorige president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling. Stuiveling kreeg deze prijs bij haar afscheid als president van de Algemene Rekenkamer, maar vooral als voorvechter van open data. Zo instuiveling-open-datatroduceerde zij de trendrapportages open data bij de Algemene Rekenkamer. Zelf heeft ze het liever niet over de Stuiveling Open Data Award. SODA moet het zijn. Lekker kort en krachtig. De prijs gaat dan ook niet over haar, maar over sprankelende ideeën en toepassingen met open data, geeft zij zelf aan.

Kom naar de uitreiking

Ben je benieuwd naar de sprankelende ideeën, innovatieve toepassingen en de winnaar? De uitreiking van de eerste SODA vindt 12 december plaats tijdens het Hoe Open? Festival op het hoofdpodium van TivoliVredenburg in Utrecht. Wil je bij de uitreiking aanwezig zijn? Meld je dan snel aan voor het Hoe Open? Festival .

MijnBuurtje groeit gestaag door

Oktober 2016 telt het digitale dorpsplein MijnBuurtje maar liefst 25 gemeenten, 30 platforms en 385 buurtverbinders. Een knappe prestatie van oprichters Eric Hendriks en Hanneke van Stokkom die ooit heel klein begonnen in een Nijmeegse wijk. Dat het initiatief inmiddels breed gedragen wordt, bleek ook weer op donderdag 29 september, toen MijnBuurtje samen met deelnemende zorgorganisatie ZONH een congres in Alkmaar hield. De enorme belangstelling bleek uit de lange deelnemerswachtlijst en een tekort aan stoelen voor alle belangstellenden…

Succesfactoren

Wat maakt nou dat MijnBuurtje, in tegenstelling tot veel andere soortgelijke initiatieven, zo succesvol en snel groeiend is? Ten eerste de niet aflatende werklust en het enorme enthousiasme waarmee het MijnBuurtje kernteam met bewoners, organisaties en gemeenten optrekt. Ten tweede de bottom-up aanpak. Niet gemeenten of professionals, maar bewoners zijn bij MijnBuurtje in the lead. Wil je als gemeente het MijnBuurtje concept aankopen? Dat is prima, maar de goedkeuring en het commitment van plaatselijke bewoners is voor MijnBuurtje voorwaarde om met een gemeente in zee te kunnen gaan. Een derde succesfactor is de brede inzet van ‘buurtverbinders’. Dit zijn gemotiveerde bewoners die door het MijnBuurtje team getraind zijn om zowel online als offline te zorgen dat zoveel mogelijk bewoners meedoen. Last but not least: MijnBuurtje gaat altijd uit van de ‘onzichtbare ijsberg’ aan talenten, mogelijkheden en vaardigheden die in elke wijk aanwezig zijn. Niet hulpbehoevendheid of beperkingen, maar dat wat iemand wél kan staat bij MijnBuurtje centraal. Ook bij de hoogbejaarde mevrouw die graag eens met iemand zou willen bridgen.

Het bewijs…

Een mooi verhaal, maar maakt MijnBuurtje in een wijk nou écht het verschil? De Radboud Universiteit deed recent onderzoek naar de impact van MijnBuurtje. Wat bleek? Een gemiddelde wijkbewoner heeft meer contact bij gebruik van Mijnbuurtje en nóg meer als hij ook offline kanalen zoals een wijkkrant gebruikt. Verder blijkt dat hoe meer je een lokaal informatiekanaal gebruikt, hoe meer samenhang en verbinding je voelt met je wijk en daardoor ook meer contact met andere bewoners hebt.

Meer weten?

Bel MijnBuurtje op 024 – 2022 275. Of mail Eric Hendriks op eric@mijnbuurtje.nl, Hanneke van Stokkom via hanneke@mijnbuurtje.nl of Elma van Dongen via elma@mijnbuurtje.nl

Kijk voor meer informatie op MijnBuurtje.nl

GDSC bijeenkomst omgevingswet: digitale participatie en communicatie

De inzet van Facebook, Twitter, YouTube en andere online media, naast een traditionele bewonersavond en offline communicatiemiddelen, blijkt effectief in participatietrajecten. Communicatie en participatie bepalen straks ook in belangrijke mate het succes van de nieuwe Omgevingswet.

Tijdens onze meetup van de Grote Digitale Steden Competitie (meer informatie & stand) en praktijkbijeenkomst van Platform31 “nu al aan de slag met de Omgevingswet” op 8 september 2016, stonden daarom enkele inspirerende voorbeelden centraal. Deze laten zien hoe digitale communicatie positief kan bijdragen aan participatie. Weer meer dan 20 aanwezige steden deelden hun ervaringen in een van de 8 workshops of deden inspiratie op over wat er allemaal al kan en gebeurt op het gebied van digitale participatie en communicatie.

Praktijkvoorbeelden

Stinskracht

StinsKracht laat bijvoorbeeld laat zien hoe – in dit geval – de Zwolse wijk Westenholte aan de voorkant investeert om in gesprek te komen én blijven met buurtbewoners. Samenwerking tussen bewoners en professionals in het sociaal domein ontstond vanuit het idee vraag en aanbod van burenhulp en het Sociaal Wijkteam Zwolle West op elkaar af te stemmen. Op het hulpvlak hebben sindsdien al diverse geslaagde matches plaatsgevonden. Bewoners, organisaties, professionals en gemeente hebben samen een fysiek buurtloket en een buurtplatform opgericht voor onder andere vragen over zorg en welzijn.

Digitaal dorpsplein

“Op basis van het succesvolle concept van www.MijnBuurtje.nl uit Nijmegen, richtten zogeheten buurtverbinders een online buurtplatform op: www.stinskracht.nl. Hierop is een digitaal dorpsplein te vinden met een marktplaats, buurtagenda, nieuws en persoonlijke verhalen, foto’s en video’s van buurtbewoners”, vertelt Elma van Dongen van MijnBuurtje.nl. “Zo kan de hele buurt zich informeren over plannen in de wijk. Tegelijkertijd willen vrijwilligers en professionals hun buurtbewoners ook online bereiken en op meerdere thema’s, dus ook bij ruimtelijke plannen. Nieuw is bijvoorbeeld de pagina over het StinsPark waar bewoners kunnen meepraten over de invulling van het park en zelf ideeën kunnen aandragen. Overigens is alle informatie op stinskracht.nl zorgvuldig afgestemd op andere mediakanalen, zoals de wijkkrant Stins, Twitter en Facebook.”

Publiekscampagne Sliedrecht

Ook de gemeente Sliedrecht ontdekte de afgelopen twee jaar hoe goede publiekscommunicatie het verschil kan maken. Rico den Boer, communicatieadviseur bij het Servicecentrum Drechtsteden (SCD) en werkzaam voor de gemeente Sliedrecht legt uit: “Het college wilde graag actiever communiceren via sociale media. Dat hebben we ook ingezet bij de revisie van het zogeheten kruispunt A15-Ouverture, bij de afrit van de A15 bij Sliedrecht-West. Het project stond al een tijd op de planning, maar begin 2016 ging pas daadwerkelijk de schop in de grond. Voordat de werkzaamheden startten werd een stevige publiekscampagne opgetuigd voor het informeren en creëren van draagvlak bij bewoners, weggebruikers, openbaar vervoerbedrijven en hulpdiensten.”

Video’s trekken kijkers

Den Boer trok hierbij samen op met communicatieadviseur Kristel Witvliet: “We lanceerden vier video’s die inzichtelijk maakten wat er allemaal komt kijken bij zo’n ingewikkelde infrastructurele ingreep. De campagne bleek succesvol. Op Facebook bereikten we gemiddeld 13.000 mensen per video, waaruit vele interacties voortvloeiden. Via Twitter registreerden we rond de 1.000 weergaven per video en op YouTube hebben mensen in totaal gemiddeld twintig uur naar onze films gekeken. De opbrengst van de traditionele bewonersavond was twintig bewoners en zeventien reacties. Uiteindelijk bereikten we dankzij de gecombineerde inzet van online- en offlinemiddelen een goede dwarsdoorsnede van de Sliedrechtse bewoners, waarbij sociale media een groot aandeel hebben in dit bereik”

Gebiedsvisie Capelle aan de IJssel

En optimale integratie van online- en offline communicatie bij bewonersparticipatie kwam tot wasdom bij de totstandkoming van de gebiedsvisie voor het centrum van Capelle aan de IJssel: een gebied met negen ontwikkellocaties op één vierkante meter voor publiek-, privaat,- en maatschappelijk vastgoed en woningbouw. Om te voorkomen dat al die ontwikkellocaties los van elkaar tot ontwikkeling zouden komen, besloot de gemeente hiervoor een visie op te stellen en daar ook de bewoners bij te betrekken. Onno de Vries, adviseur gebiedsparticipatie bij de gemeente Capelle aan de IJssel: “We startten dit proces door met een ‘blanco vel’ het gebied in te gaan en onze eigen ideeën inhoudelijk te verrijken met die van bewoners en organisaties.”

Online/offline

“Uitgangspunt was dat het voor iedereen mogelijk moest zijn om mee te doen en mee te denken”, vervolgt hij. “Om écht ruimte te kunnen maken voor nieuwe ideeën en initiatieven, wilden we niet alleen in gesprek met de vaste groep mensen die altijd naar bewonersavonden komen. Zo organiseerden we zo veel mogelijk bijeenkomsten in scholen, kerken en parken of gewoon bij mensen thuis. Ondersteunend daaraan testten we diverse online communicatiemiddelen. Zo ontdekten we dat we de doelgroep onvoldoende bereikten met LinkedIn, maar juist wel goed via Facebook. Ook succesvol bleek de inrichting van een ‘huiskamer’ in een leeg winkelpand waar de wethouder wekelijks vragen beantwoordt.”

Centrumexpeditie

“In lijn met het interactieve proces willen we uiteindelijk geen standaard rapport opleveren, maar een gebiedsvisie in de vorm van een route door het gebied. Geïnteresseerden kunnen de route straks lopen met behulp van een mobiele website met navigatie op hun smartphone of met de papieren plattegrond waarop we letterlijk zichtbaar maken wat we waar willen ontwikkelen. Het belangrijkste is dat mensen al wandelend op straat beleven wat we daar de komende vijf tot tien jaar gaan doen.”

Civocracy

Dat burgerparticipatie leidt tot betere besluitvorming en meer draagvlak, dringt ook door in de provincie Noord-Holland. “Onze wens was economisch beleid te maken waarvan de uitvoering aansluit bij de wensen van de Noord-Hollandse ondernemers”, vertelt Rieneke Kanne, beleidsmedewerker bij de provincie Noord-Holland. “Hoewel de kaders al vastlagen, wilden we graag de input van stakeholders die we nog niet goed kenden en over onderwerpen die voor ons betrekkelijk nieuw waren, zoals de bevordering van biodiversiteit, de aanpak van leegstand en het stimuleren van innovaties in het MKB.” Dat de provincie niet koos voor de geijkte sociale media heeft ermee te maken dat Civocracy een neutraal online netwerk is dat tussen burger en politiek in staat.

Iedereen die kennis deelt op dit platform, moet zich registreren. Leonie Kok, Country Manager Netherlands bij Civocracy legt uit hoe het platform werkt: “Eenmaal binnen, kunnen bezoekers zowel verdiepende informatie vinden als actief meedoen. Wie een onderwerp volgt, ontvangt een bericht als er een nieuwe bijdrage is geleverd. Op die manier ontstaat er een community rondom een specifiek onderwerp. Overigens kan iedereen een onderwerp indienen dat behandeld zou moeten worden op Civocracy. Als een voorstel wordt ondersteund door meer dan vijftig mensen, dan wordt de discussie geopend. Ruim 2.000 mensen bezochten de onderwerpen van Noord-Holland. Ook werden ruim honderd constructieve reacties geplaatst. Verder zijn er ‘betrokken partijen’ (stakeholders) en links naar artikelen toegevoegd door inwoners, en vijftien van de zeventien stakeholders deden mee aan de discussie. Uit de reacties zijn ruim tien concrete nieuwe punten meegenomen in de uitwerking van het economisch beleid.”

Zuidwest op z’n best

Waar de provincie Noord-Holland gebruik maakt van een bestaand platform, gebruikt de gemeente Breda een eigen tijdelijk platform voor het online participatietraject voor de ontwikkeling van een omgevingsplan in Breda Zuidwest. “Het doel is hetzelfde, namelijk informatie ophalen over wat burgers en bedrijven graag willen in dit gebied”, beaamt Eefje Remijn, planologisch jurist bij de gemeente Breda. “In combinatie met vier werkateliers en een aantal parallelsessies levert het traject bouwstenen op voor het omgevingsplan: ideeën voor de groenvoorziening, een veilige omgeving en initiatieven die leiden tot meer onderlinge betrokkenheid en ontmoeting.”

Omgevingswet en de rol van participatie

Deze praktijkvoorbeelden werden in context van de nieuwe omgevingswet geplaatst door Nicole Fokker. “Participatie is maatwerk in de Omgevingswet”, vindt Nicole Fikke, projectleider wetsvoorstel Omgevingswet bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu. “Nieuw is dat initiatiefnemers bij het indienen van een vergunning ook moeten aangeven hoe zij met de omgeving over hun project hebben gesproken. Participatie draagt dus volop bij aan de kwaliteit van de besluitvorming, de democratische legitimiteit en kan aansluiten op nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen. Het is daarom logisch om vernieuwde vormen van participatie te gebruiken bij projecten. Online middelen kunnen een goede toevoeging zijn op de bestaande middelen om zo het bereik te vergroten of meer draagvlak te krijgen.”

Niet buiten de burger rekenen

Het essay Niet buiten de burger rekenen van het Sociaal Cultureel Planbureau plaatst een kritische noot bij de Omgevingswet die in 2018 in werking treedt. Minder regels en meer verantwoordelijkheid bij burgers: het is een mooi streven dat echter nog niet zo makkelijk vanzelf van de grond komt. De auteurs vinden dat de overheid drie randvoorwaarden moet garanderen: hoge kwaliteit van communicatie, goede antennes van overheden en oog voor de reikwijdte en grenzen van participatie. Onderdeel van de essay is de casus ‘wind op land’, over het plaatsen van windmolenparken. Met behulp van deze casebeschrijving maken de auteurs duidelijk hoe belangrijk het is om draagvlak voor ingrepen in de omgeving te verwerven. Voor omwonenden zit de pijn in gebrekkige informatie, het gevoel niet gehoord te zijn en de input niet in de uitkomst terug te zien. Een ‘one size fits all’ benadering blijkt in elk geval niet altijd de aangewezen weg: want niet iedereen kan in gelijke mate informatie opsporen en inzetten, bezwaren articuleren of de mogelijkheden tot participatie benutten.

Smart City council geeft inzicht in lessen over “citizen engagement”

De Smart City readiness council brengt een drieluik uit over Smart Cities en “citizen engagement”. Doel van het drieluik over citizen engagement is je inzicht te geven in de do’s en dont’s waardoor je effectiever kunt zijn bij het betrekken van burgers bij je Smart City strategie en innitiatieven.

In het eerste deel geven zij een overzicht van de best practices op dit gebied. Het tweede deel gaat dieper in op de geleerde lessen uit die voorbeelden en de fouten die je moet zien te voorkomen bij het betrekken van inwoners. Het derde deel moet nog uitkomen. Dit is allemaal onderdeel van hun zogenaamde Smart City readiness guide: “goal of the guide is to give you a “vision” of a smart city, to help you understand how technology will transform the cities of tomorrow. The second goal is to help you construct your own roadmap to that future.”

Best practices op het gebied van citizen engagement

In de best practices wordt kort beschreven wat belangrijke ingrediënten zijn voor het betrekken van burgers bij Sart City initiatieven. Veel inkoppers, maar wel een mooie checklist. Vooral het achterliggende online document over Smart People geeft een dieper inzicht over verschillende strategieën, aanvliegroutes en daarbij de voor- en nadelen van die verschillende werkwijzen.

Hoe voorkom je fouten in het betrekken van inwoners

Het artikel over de missers is herkenbaar. Goedbedoelde initiatieven die hun effectiviteit missen, vaak omdat er aan een van de onderdelen van een goede opzet voor het betrekken van burgers niet is gedacht. Daarom toch wel nuttig, ook omdat het effect van het op de foute manier betrekken van inwoners (geen inzicht in het resultaat, onduidelijke scope, enkel werken met online tools) een grote negatieve impact kan hebben, ook al was de intentie goed! Ook hier weer geeft het achtergronddocument meer informatie (let op het betreft meerdere pagina’s, onderin navigeer je naar de volgende pagina’s).

 

Jaarcongres Smart City 2016

De wereld digitaliseert en de uitdagingen in steden worden groter. De populatie stijgt, duurzaamheidseisen worden strenger en leefbaarheid vraagt om aandacht. Slimme steden zijn onvermijdelijk. Wel staan we nog voor een aantal uitdagingen. Hoe creëren we voldoende schaalgrootte en wat zijn meetbare winsten voor bewoners, bezoekers en bedrijven? En hoe kunnen we in Nederland samenwerken en elkaar versterken? Dit zijn de onderwerpen die aan bod komen tijdens het Jaarcongres Smart City 2016 op 27 oktober in Den Haag.

Programma

Op het jaarcongres Smart Cities gaan wethouders wethouders van onder andere de gemeente Den Haag, Heerenveen en Delft hier over in gesprek. Daarnaast zijn er topsprekers van onder andere Siemens, HR groep en de TU Delft. Key-note speaker deze middag is José Manuel Vassallo, Professor Transport Economics van Universidad Politécnica de Madrid. Bekijk het volledige programma hier.

Korting vanuit de DSA

De Digitale Steden Agenda is partner van dit congres. Tot 1 oktober ontvang je 100 euro korting voor dit congres onder de vermelding van code DSA100, schrijf je via www.smartcityconference.nl

Praktische info

Donderdag 27 oktober
Inloop met lunch: 12.30
Start 13.30
Borrel 17.15

Remise Den Haag
Ter Borchstraat 7
2525 XG Den Haag

Meer informatie via www.smartcityconference.nl

 

Nota’s over beleid en wetten ongeschikt als open data

Ambtelijke nota’s en notities waarin wetsvoorstellen en beleidsvoorstellen met elkaar worden vergeleken en beoordeeld zijn niet geschikt als open data. Dat zegt minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een reactie op een rapport over actieve openbaarmaking informatiecategorieën.

Interessante informatiecategorieën

Het rapport ‘Steen voor steen de rivier over’ werd aan de Tweede Kamer aangeboden na een motie van PVDA-kamerlid Astrid Oosenbrug, die de regering verzocht om zoveel mogelijk informatie over open data beschikbaar te stellen. Het onderzoek mondt uit in een lijst van categorieën met overheidsinformatie. De onderzoekers hebben per categorie toegelicht in hoeverre deze interessant is als openbare informatie.

Systematisch publiceren

Plasterk ziet een groot aantal categorieën die nu al online worden gepubliceerd. Eén groep, die van categorieën waar notities en nota’s van beleids- of wetsvoorstellen vergeleken en beoordeeld worden, ziet hij echter niet als een categorie die zich leent voor systematische publicatie. ‘Ik ben van oordeel dat deze zich niet lenen voor systematische publicatie, gezien de persoonlijke beleidsopvattingen die hiervan veelal deel uitmaken. Publicatie zou de noodzakelijke ‘beleidsintimiteit’ doorkruisen en het voor ambtenaren onmogelijk maken nieuwe ideeën vrijelijk te bespreken.’

Vertrouwelijkheid nodig voor goed bestuur

Goed bestuur is volgens Plasterk ‘Nu eenmaal gediend met een bepaalde mate van vertrouwelijkheid.’ Ook nationale wetgeving, zoals artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, en Europese wetgeving kan volgens hem in de weg staan aan het openbaar maken van deze ambtelijke nota’s. De minister denkt ook dat vanwege de belangen van derden er documenten zijn die niet altijd systematisch integraal openbaar gemaakt kunnen worden. ‘Er zal altijd een belangenafweging nodig zijn’.

‘Deel informatiecategorieën al beschikbaar’

Plasterk vindt dat het onderzoek goed aansluit op de behoefte die in de samenleving leeft en bespeurt ook dat de inspanningen in tijd, geld en moeite die met de actieve openbaarmaking gepaard gaan, zinvol zijn. Het kabinet deelt volgens hem het belang van actieve openbaarheid dat de onderzoekers benadrukken in hun rapportage. Een aantal informatiecategorieën die worden omschreven worden als openbaar gemaakt en zijn online vindbaar, zoals beleidsagenda’s, activiteitenindexen en jaarverslagen. Over een andere groep categorieën, in het kader van lobbying en het open informatieregister , laat Plasterk zich nog niet uit. ‘Hiervoor wacht ik de verdere parlementaire behandeling in de Eerste Kamer af.’

Lees het volledige rapport en de aanbiedingsbrief van minister Plasterk hier.

Bron: Binnenlandsbestuur.nl

Shared parking Amersfoort van pilot naar opschaling

Hoe gaan we slim om met parkeerplekken? Hoe groot is ons parkeerprobleem eigenlijk, hoe kun je deze plekken beter benutten? Vanuit deze maatschappelijke vragen heeft Amersfoort gekeken welke techniek gebruikt kon worden om een oplossing te bieden. Dat resulteerde in een pilot met oplossingen op het gebied van shared parking met behulp van beacons en gebruik van het platform FIWARE.

Weten welke parkeerplaats in de buurt vrij is

Het ene bedrijf heeft meer auto’s dan parkeerplaatsen en dat veroorzaakt overlast, een ander heeft soms een halfleeg parkeerterrein. Kan dat slimmer? Deze vragen werden beantwoord in een pilot op bedrijventerrein Calveen in Amersfoort waar met behulp van sensoren parkeerplaatsen worden gedeeld. Amersfoort speelt daarmee in op de deeleconomie-trend en is de eerste Nederlandse gemeente die actief inzet op shared parking.

Voor de proef, die met een beperkt aantal deelnemers is gehouden, werden auto’s van de deelnemers voorzien van een beacon waarmee de locatie was vast te stellen. Die werd via het LoRa-netwerk verzonden aan het innovatieplatform FIWARE Lab NL. Op die manier kon worden vastgesteld waar wanneer vrij plekken beschikbaar waren. De volgende stap is de ontwikkeling van een dashboard dat realtime aangeeft waar die vrije plaatsen zijn. Informatie die vervolgens ook wordt doorgestuurd naar de deelnemende automobilisten.

Nu van pilot naar opschaling

In Amersfoort is de pilot om parkeerplaatsen met een beperkt aantal deelnemers te delen geslaagd. De volgende stap is opschaling van het aantal bedrijven dat meedoet, zodat het aanbod vrije parkeerplaatsen toeneemt en meer parkeerplaatsen kunnen worden gedeeld. Tegelijkertijd zijn de deelnemers op bedrijventerrein Calveen druk bezig met nieuwe, meer op de situatie toegespitste pilots.

De pilot rond shared parking in Amersfoort wordt ondersteund door FIWARE Lab NL en maakt gebruik van het LoRa-netwerk van The Things Network (TTN). FIWARE, hoe zit dat ook alweer? Zie het bericht ons bericht uit 2015

Dit bericht is gebaseerd op een bericht van Fiware en verkeersnet

 

GDSC16 meetup Omgevingswet

In 2018 wordt de nieuwe Omgevingswet van kracht, die uitgaat van minder regels en van meer betrokkenheid van burgers bij de ruimtelijke inrichting van Nederland. Het beschermen en benutten van de leefomgeving wordt daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheid, bedrijven en inwoners. Om dat te realiseren, is samenwerking nodig. Hoe moet die samenwerking verlopen? Wie is wanneer aan zet? Welke digitale hulpmiddelen kunnen we inzetten in deze samenwerking en participatie?

Deze meetup organiseren we in samenwerking met Platform31 en aansluitend aan de G32 themagroep Omgevingswet van donderdag 8 september.

Échte participatie

Het beter beschermen en benutten van de leefomgeving gaat niet zonder serieuze betrokkenheid van inwoners en bedrijfsleven. Maar deze participatie wordt pas écht gerealiseerd als de overheid zich ook meer participatief opstelt. Het Sociaal Cultureel Planbureau heeft hierover een essay (“Niet buiten de burger rekenen“) geschreven dat begin februari is gepubliceerd.

In de meetup staan een aantal perspectieven en voorbeelden centraal omtrent de vraag:

“Welke digitale middelen kan een gemeente inzetten voor zo optimaal mogelijke (burger)participatie?”

Programma

We focussen specifiek op de mogelijkheden die digitale middelen kunnen bieden bij communicatie en participatie. We bespreken hiervan enkele voorbeelden, zoals de inzet van Facebook, en discussiëren over de mogelijkheden. We bekijken hoe digitale middelen kunnen helpen bij visievorming, specifieke projecten en het opstellen van bestemmingsplannen of omgevingsplannen.

Doelgroep

Deze meetup is bedoeld voor zowel iedereen die te maken krijgt met de nieuwe omgevingswet, van jurist tot informatiemanager, van omgevingsmanager tot beleidsmaker. De meetup is zo opgebouwd dat er optimale kennisuitwisseling mogelijk is tussen de verschillende disciplines. Wij raden daarom aan om met verschillende disciplines te komen om optimaal te profiteren van deze meetup.

Daarnaast zijn niet-gemeentelijke deelnemers ook welkom, maar let op: het gemeentelijke perspectief en de vrije sfeer om kennis te delen staan centraal.

Meetup & Praktijkbijeenkomst

Deze meetup wordt vanuit de DSA georganiseerd in het kader van de Grote Digitale Steden Competitie (meer info). Deelnemers vanuit gemeenten verdienen punten voor hun stad met hun aanwezigheid.

Platform31 organiseert deze praktijkbijeenkomst in het kader van ‘Nu al aan de slag met de Omgevingswet’ (meer info).

Aanmelden op de meetuppagina is optioneel en doe je als volgt:

• Registreer (indien je nog geen account hebt) op www.meetup.com/GO-meetup (rechtsboven ‘JOIN’)

• Activeer via de email die je ontvangt

• Schrijf in voor meetup via http://www.meetup.com/GO-meetup/events/228548767/(rechtsboven ‘RSVP’)

PBL-academielezing over smart cities door prof. Rob Kitchin

Op woensdag 25 mei verzorgt prof. Rob Kitchin (National University of Ireland Maynooth) de PBL-academielezing: ‘Smart Cities: Realising the promises whilst minimizing the perils’. Prof. Albert Meijer (UU) geeft na afloop een reflectie op de lezing.

‘Smart Cities: Realising the promises whilst minimizing the perils’

Uitgangspunt van smart cities en smart urbanism is de inzet van data en digitale technologieën om de energieke samenleving te helpen om steden leefbaarder te maken en te houden. De belofte is groot: duurzamere, inclusievere, groenere, veerkrachtigere steden dankzij digitale technologie.

Tegelijkertijd is er veel kritiek op de puur technocratische benadering van smart cities en smart urbanism. De gevaren zijn dan ook reëel: een toename van ongelijkheid, van surveillance (‘big brother is watching you’), overheden die volledig afhankelijk worden van IT-leveranciers, hackers of bugs die het stedelijk leven verstoren.

Een belangrijke vraag is dan ook: Hoe kan ‘smart urbanism’ leiden tot een versterking van de publieke ruimte en het zelforganiserende vermogen (veerkracht) van steden en wordt grotere ongelijkheid en meer surveillance vermeden? Welke rol heeft de overheid? Welke voorbeelden zijn er om na te volgen? Waar ontstaan mogelijke ‘lock-ins’? En vooral ook: hoe kunnen overheden innovatie en experimenteerruimte stimuleren?

In zijn lezing voor de PBL-academie houdt prof. Rob Kitchin het idee van smart cities kritisch tegen het licht en bespreekt onder welke randvoorwaarden de belofte daadwerkelijk te realiseren is.

Over Rob Kitchin

Rob Kitchin is hoogleraar en European Research Council Advanced Investigator bij de National University of Ireland Maynooth. Hij is momenteel de hoofdonderzoeker bij het Programmable City project, de Ierse Digital Repository, het All-Island Research Observatory en het Dublin Dashboard.

Kitchin heeft veel gepubliceerd op het gebied van de sociale wetenschappen, waaronder 23 boeken en meer dan 150 wetenschappelijke artikelen en boekhoofdstukken.  Recente boeken zijn The Data Revolution: Big Data, Open Data, Data Infrastructures and Their Consequences (SAGE, 2014) en Code/Space: Software and Everyday Life (met Martin Dodge).

Over Albert Meijer

Albert Meijer is hoogleraar Publiek management, in het bijzonder Publieke innovatie aan de Universiteit Utrecht. In juli 2015 hield hij zijn oratie Bestuur in de datapolis: slimme stad, blije burger?

Bron: http://www.pbl.nl/nieuws/nieuwsberichten/2016/pbl-academielezing-over-smart-cities-door-prof-rob-kitchin

Big data in Rotterdam: zonder ‘silo’s’

‘Big data’: het uit verschillende bronnen samenvoegen van gegevens en daaruit patronen halen. Dat is echter een van de vele definities. Veel gemeenten starten met ‘open data’ en hebben het gevoel ook iets te moeten met big data. De gemeente Rotterdam is daar een voorbeeld van. Zij hebben het ook meteen anders aangepakt, kort-cyclisch en bottom up. Zo zijn ze erin geslaagd het ‘silo denken’ te doorbreken en de verschillende afdelingen bij elkaar te brengen. Lees verder voor de aanpak van de gemeente Rotterdam.

Doe jij iets met data?

Vanuit de netwerkgedachte is men begonnen in Rotterdam, door de mensen uit de organisatie te verbinden. Los van de traditionele cycli en de vakjargon is simpel gevraagd: Doe jij iets met data? Vanuit een case in het sociaal domein is men aan de slag gegaan.

Je moet op het niveau van de mensen zitten die ermee aan de slag moeten en die er de waarde van kunnen zien. Anders is het ‘databases leegtrekken en je hoort nog wel eens van ons’. Dan ga je voorbij aan de verantwoordelijkheden en de zorgvuldigheden.

Er werden hypotheses gesteld waar steeds nieuwe data bij gezocht werden om tot nieuwe inzichten te komen. Rotterdam heeft aangetoond dat nieuwe inzichten zijn te verkrijgen door het silo denken los te laten en de gegevens van de verschillende afdelingen bij elkaar te brengen.

Lees het volledige artikel op iBestuur.nl

Bron: iBestuur

Ken jij ‘m al, de BuurtApp?

De BuurtApp is een app om berichten met je buurt uit te wisselen. Om een handje te helpen, te geven, delen, ruilen, lenen, maar ook voor buurtpreventie, om samen de buurt veiliger te maken. Veel vragen en opmerkingen van buurtbewoners hebben direct of zijdelings te maken hebben met onderwerpen die de gemeente aangaan: verkeersveiligheid, sociale veiligheid, groenvoorziening, bestemmingsplannen, parkeerbeleid, speeltuinen en parken. Uit een onderzoekje blijkt dat participatie van de gemeente op de app welkom is (90% voorstander). Een win-win voor de gemeente en bewoners. Lees verder voor de antwoorden op de meest gestelde vragen door gemeenten.

Wat maakt de BuurtApp anders dan andere digitale buurtplatforms?

  • De BuurtApp is alleen beschikbaar als app voor smartphones en tablets, dus niet voor desktop computers en laptops. Door die focus is de app heel eenvoudig, krachtig geworden. We zien dat met name ouderen steeds vaker overstappen van pc naar tablet, en behoefte hebben aan een simpele, overzichtelijke app zonder teveel tekst.
  • De twee meest unieke kenmerken van de BuurtApp zijn:
    • Op de BuurtApp teken je zélf je buurt en ben jij het dus ook zélf die aangeeft van wie (uit welke straten) je berichten wil ontvangen.
    • Je kunt berichten lezen op 5 niveaus: huis (straal van 50 meter), straat, buurt, wijk en gemeente.
  • De BuurtApp is primair gericht op korte, snelle berichten tussen buurtbewoners. Het kenmerkende geluid van een BuurtApp bericht is het getsjilp van mussen. Daarmee is het bruikbaar voor buurtpreventie maar in tegenstelling tot WhatsApp groepen is de BuurtApp ook heel geschikt voor communicatie over andere onderwerpen, omdat de berichten gegroepeerd staan per onderwerp, en de pushfunctie per bericht en persoon kan worden uit- en aangezet.
  • De hoogste twee niveaus (wijk en gemeente) bieden uitstekende mogelijkheden voor gemeenten, wijkraden, organisaties, bedrijven om te communiceren op de BuurtApp, zónder dat mensen in de buurt dit als hinderlijk ervaren. Organisaties en bedrijven kunnen namelijk alleen berichten plaatsen op het niveau van de wijk en gemeente. Met één klik schakelt de gebruiker tussen buurt (= persoonlijk) en wijk (= praktisch)

Wat is er voor nodig om de BuurtApp in onze wijk te introduceren?

  • Een belangrijke voorwaarde voor succes is een goede introductiecampagne. Zoals met alle nieuwe media kost het tijd voordat mensen wennen aan de mogelijkheden en het nut van de app. Je bent er dus niet met een berichtje in een wijkkrantje, er is meer voor nodig. De oprichter Norbert Schol kan tegen een vergoeding een presentatie hierover verzorgen.

Kan onze wijkagent ook de app downloaden en berichtjes erop plaatsen?

  • Graag zelfs. Buurtpreventie en veiligheid zullen één van de belangrijkste functies zijn van de BuurtApp. De agent kan zich als privépersoon inschrijven op zijn woonadres, en als organisatie, op zijn werkadres (als dat in de buurt is waar hij werkt). In het laatste geval kan hij alleen berichten in de wijk en de gemeente plaatsen.

Is de BuurtApp wel veilig?

  • De database van de BuurtApp staat op een beveiligde server van het Nederlandse bedrijf Argeweb.
  • In principe is het mogelijk dat personen of bedrijven zich inschrijven op een ander adres dan waar ze wonen. Gezien het kleinschalige buurtkarakter van de BuurtApp zullen buurtbewoners dit opmerken. Via een ‘rapporteer’ knop kunnen ze de beheerder waarschuwen die misbruik kan tegen gaan door gebruikers te verwijderen.

Wat kost de buurtapp?

  • Het downloaden, installeren en gebruiken van de buurtapp door buurtbewoners is gratis, en blijft gratis. Ook voor wijkraden en buurtverenigingen is en blijft het gebruik gratis.

Hoe verdient de BuurtApp dan zijn geld?

  • BuurtApp wil samen met een gemeente een module ontwikkelen waarmee gemeenten in Nederland digitale berichten op straatniveau kunnen plaatsen (omvang en vorm zelf te bepalen). Voor het gebruik van die module gaan we geld vragen in de vorm van licenties, waarbij de gemeente die mee-ontwikkelt korting ontvangt. Daarnaast zijn er mogelijkheden voor het gebruik van (geanonimiseerde) open data als basis voor de ontwikkeling van lokaal.
  • Mogelijk dat bedrijven in de toekomst ook gaan betalen in de vorm van een jaarabonnement. Hun berichten zijn alléén te vinden op wijkniveau, zodat het buurtniveau echt alleen voor buurtbewoners zelf blijft.

Wat zijn de ervaringen tot nu toe met de BuurtApp?

  • Er hebben zich sinds voorjaar 2015 zo’n 10.000 gebruikers geregistreerd, waarvan er zo’n 1.200 in Utrecht wonen.
  • De onderwerpen van de berichten verschillen sterk, zoals ook de bedoeling was: geven, vragen, ruilen, delen, verkopen, informeren. Handig vindt men informatie over exposities en activiteiten in buurtcentra. De meeste buurtbinding treedt overigens op bij berichten over geboorte en overlijden; mensen stellen het enorm op prijs om hierover op de hoogte te worden gehouden, ook als ze verderop in de buurt wonen.
  • Juist omdat het bij de BuurtApp niet alléén om zorg draait, of om veiligheid, maar om alles waar buurtbewoners zich druk om kunnen maken, is de BuurtApp er naar onze mening een goede peilstok om inzicht te krijgen in wat er leeft in een buurt.

Meer informatie?

Download de BuurtApp via de Appstore (iOS) of de Playstore (Android), en/of neem contact op met de oprichter van de BuurtApp, Norbert Scholl (06 46 294 595)

 

26 april: Kennissessie open data en slimme dienstverlening

Dinsdag 26 april organiseert de gemeente Utrecht een praktische kennissessie over open data, datagedreven sturing en innovatieve toepassingen met data. De gemeente Utrecht gelooft sterk in samenwerking; behalve actief lid van de Digitale Steden Agenda Open data werkgroep met de G5, nemen ze nu de lead in deze sessie voor gemeenten, waarbij uitwisseling van ervaringen centraal staat. Er is ruimte voor 20 deelnemers, meld je daarom snel aan.

Slimmere organisatie met data

Data is voor gemeente Utrecht een belangrijk middel om de organisatie slimmer en sneller te maken, waarbij betere dienstverlening centraal staat. Tegelijkertijd wordt ermee ingespeeld op maatschappelijke vraagstukken, zoals duurzaamheid, de vitaliteit van de binnenstad en mobiliteitsvragen. Om die reden ontsluit de gemeente steeds meer open data. Tijdens de kennissessie worden de lessons learned van de afgelopen twee jaar gedeeld. Tegelijkertijd is men benieuwd naar de ervaringen van de aanwezige gemeenten.

Enkele ervaringen die tijdens de sessie worden gedeeld

  • De techniek moet werken, maar is ondersteunend aan het proces.
  • Samenwerking is cruciaal als je optimaal wilt gebruikmaken van (eigen) data.
  • Het is allemaal niet zo moeilijk als het lijkt; ga alvast experimenteren.
  • Slimmere dienstverlening levert veel voordelen op voor de organisatie – ook financiële.

Om te laten zien hoe je open data zinvol inzet voor betere dienstverlening en een efficiëntere bedrijfsvoering wordt de oplossing “Slim Melden” getoond. Burgers kunnen meldingen over de openbare ruimte doen zonder onnodige velden in te vullen, ze krijgen direct terugkoppeling uit het zaaksysteem en de gemeente krijgt geen dubbele meldingen. Slimmer en efficiënter.

Community building

De gemeente Utrecht gelooft sterk in samenwerking. Utrecht werkt met meerdere steden samen aan het ontsluiten van data via Dataplatform – een platform dat uitwijst dat een actieve community minstens zo belangrijk is als de techniek erachter. Deze combinatie levert veel voordelen op. Die oplossingen worden uitgebreid toegelicht tijdens de sessie.

Programma

14.00-14.15 Welkom

14.15-14.35 Dataplatform: de kracht van een actieve community. Donovan Karamat Ali, open data coördinator Gemeente Utrecht

14.35-14.55 Over data, API´s en Internet of Things: de datagedreven organisatie van de toekomst. Arjen Hof, manager Strategie en Innovatie bij Civity

14.55-15.10 Pauze

15.10-15.30 Slim Melden: innovatieve dienstverlening in Utrecht door gebruik van open data. Makkelijker melden voor inwoners, efficiënter voor organisaties. Corrine van Veldhuisen, Programmamanager Dienstverlening gemeente Utrecht

15.30-16.00 Vragen, demo en vervolgacties

Locatie & aanmelden

Stadskantoor Utrecht, Stadsplateau 1, 3521 AZ Utrecht

Aantal plekken: 20

Meld je bij Fatiha Alitou aan voor deze sessie.

Interview: uitdagingen rondom Open Data projecten

De organisatie van het Beyond Data Event heeft Tobias Temmink (Benelux Technology Officer van Teradata) geïnterviewd over Open Data. Over de uitdagingen die steden tegen komen, welke samenwerkingsvormen effectief zijn en waarin geïnvesteerd moet worden  ten aanzien van Open Data.

De volgende onderwerpen komen aan de orde:

  • Wat zijn de uitdagingen voor de komende jaren voor steden? Eigen open data zo organiseren dat het waardevol wordt voor hergebruik én een goede infrastructuur.
  • Hoe ver mag een stad gaan met open data? Privacy issues, maar ook kwaliteit en betrouwbaarheid van de informatie blijft belangrijk.
  • Tegen welke investeringen lopen steden aan? Correct en effectief gebruik van de data blijft het belangrijkst. Hiervoor moeten methoden en tools ontwikkeld worden om dit te waarborgen.
  • Wat kan er mis gaan? Nogmaals privacy, maar ook betrouwbaarheid en valide gebruik van de informatie.
  • Wie is de eigenaar van de open data? We moeten ons niet richten op eigenaarschap maar op het juiste gebruik van open data en regels wanneer dit niet het geval is.
  • Wanneer wordt een samenwerking effectief? Wellicht is een gedeelde verantwoordelijk het sleutelwoord hiervoor.
  • Hoe financier je het? Afhankelijk van de informatie kan dit wellicht gefinancierd worden uit belastinggeld.

Het volledige interview is te lezen  op de website van het Beyond Data Event (in het Engels).

Bron: smart-circle.org

bron foto: Frank Verschoor/The Green Land voor het programma Noord-Holland Slimmer met Open Data

6 tips om de samenwerking met inwoners te verbeteren

Uit het promotieonderzoek: ‘De relatie tussen coproductie van publieke dienstverlening en vertrouwen’ van Joost Fledderus volgen 6 tips voor een betere samenwerking met inwoners. In het onderzoek is gekeken naar hoe de samenwerking tussen burger en overheid begint, verloopt en wat het oplevert, maar ook welke problemen er kunnen ontstaan. De term participatiemaatschappij was nog niet gelanceerd toen de inmiddels gepromoveerde Joost Fledderus aan zijn onderzoek begon. Maar eigenlijk was het precies dat, wat hij de afgelopen jaren aan de Radboud Universiteit Nijmegen bestudeerde.

Tips om de samenwerking met inwoners te verbeteren:

In het onderzoek wordt nog niet gesproken over burgerparticipatie, maar coproductie. Coproductie staat voor het betrekken van burgers bij de uitvoering van publieke diensten. Het gaat hierbij dus niet over deelname aan inspraakavonden of wijkvergaderingen, maar actief iets doen voor de diensten waar je als inwoner om vraagt – in samenwerking met de overheid. Joost bekeek hoe deze samenwerking begint, verloopt en wat het oplevert, maar ook welke problemen er kunnen ontstaan als burgers en overheid met elkaar samenwerken. De 6 tips:

Wees je ervan bewust dat er al veel gecoproduceerd wordt

Coproductie klinkt misschien hip, nieuw en moeilijk, maar als je goed kijkt zijn veel diensten al afhankelijk van de inzet van inwoners. Steeds vaker moeten inwoners bijvoorbeeld met ingevulde formulieren naar de gemeentebalie komen. Hoe de openbare ruimte erbij ligt, is voor een groot deel afhankelijk van de oplettendheid en meldingen van buurtbewoners.

Wees eerlijk over de achterliggende reden van coproductie

Het is geen toeval dat termen als coproductie, cocreatie of participatiesamenleving hoogtij vieren in een tijd van bezuinigingen. Gemeenten zijn vaker noodgedwongen om meer inzet te vragen van inwoners, omdat er minder ambtelijke capaciteit en geld voorhanden is. Zo is in verschillende gemeenten bezuinigd op het aantal afvalbakken en de mogelijkheid geboden aan inwoners om afvalbakken te adopteren. Inwoners kunnen hier begrip voor opbrengen, als de gemeente eerlijk en transparant is over de beweegredenen. Tegelijkertijd moet niet elke vorm van coproductie ingegeven zijn door bezuinigingen: het verhogen van de kwaliteit door gebruik te maken van de expertise van inwoners kan net zo goed een argument zijn.

Ondersteun coproductie met de juiste middelen

Coproductie betekent niet dat dienstverleners achterover kunnen leunen. Burgers dienen ondersteund te worden in hun actieve betrokkenheid. Als iemand een afvalbak adopteert, dan moet de gemeente tijdig voor nieuwe afvalzakken zorgen. Denk ook aan een werkloze, alleenstaande moeder. Als zij aan een re-integratieprogramma wil (of moet) deelnemen, dan zal er kinderopvang geregeld moeten worden. Bied als gemeente ondersteuning, door samen na te denken over mogelijkheden. Het gaat hierbij niet alleen om financiële of materiele middelen, maar soms ook om flexibel om te gaan met bepaalde regels en procedures.

Motiveer coproductie met de juiste instrumenten

Burgers hebben verschillende motivaties om te coproduceren. Soms willen mensen vooral graag iets samen doen (bijvoorbeeld samen een stukje groen verzorgen), soms is het individueler van aard (bijvoorbeeld omdat er teveel vuil in de buurt ligt), en een andere keer ontbreekt de motivatie volledig (bijvoorbeeld als een bijstandsontvanger niet mee wil doen aan een re-integratieprogramma). De ene keer is een schouderklopje voldoende om coproductie te stimuleren. Een andere keer moet er meer tegenover staan.

Let op de kwetsbaarheid van coproductie

Hoe intensiever de vorm van coproductie, des te minder burgers bereid zijn te coproduceren. Zo zijn er niet veel burgers die een afvalbak willen overnemen van de gemeente. Of denk aan een flat met veel sociale problemen, waar bewoners worden gevraagd om samen na te denken over acties om de flat op te knappen en mensen bij elkaar te krijgen. Het succes hangt vaak af van enkele actieve inwoners. Het gevaar is dat deze mensen worden overvraagd. Dit houdt ook een risico in voor de continuïteit van coproductie: als enkele bewoners besluiten zich terug te trekken, is er weinig om op terug te vallen. Dit vraagt om voortdurende betrokkenheid van gemeente en andere professionals: laat zien dat ze er niet alleen voor staan.

Blijf zichtbaar als dienstverlener

Coproductie is een samenwerking tussen burger en dienstverlener. De één kan niet zonder de ander. Zorg daarom als dienstverlener dat je zichtbaar blijft en heb regelmatig contact met burgers die coproduceren. Zo kun je bijsturen als het gewenste resultaat niet wordt behaald en afspraken maken over verantwoordelijkheden. Uit Joost zijn onderzoek blijkt dat burgers het succes van coproductie niet aan de dienstverlener toeschrijven, als daar weinig contact mee is geweest. Teleurstellende resultaten worden juist de dienstverlener eerder aangerekend. Hier zal minder sprake van zijn als coproductie wordt ervaren als een vrijwillige, wederkerige en gelijkwaardige samenwerking.

Meer informatie?

Gemeenten hebben in toenemende mate aandacht voor het betrekken van burgers bij beleidsvorming.Voor meer informatie over hoe je coproductie, cocreatie of participatie van je stad kunt verbeteren kun je contact opnemen Joost Fledderus.

Bron: Necker van Naem

Schrijf je in voor het Gemeentelijk Leernetwerk Open Data

Wat is de (maatschappelijke) waarde van het publiek beschikbaar maken van data? Is open data vooral interessant voor start-ups en bedrijven of is het een vehikel voor andere publieke waarden, en welke afwegingen komen hier bij kijken? Open data verdient een discussie over waarden, waargenomen barrières en kansen, geleid door gemeenten. Meld je aan voor het Gemeentelijk Leernetwerk Open Data om mee te discussiëren en te experimenteren.

Het Leernetwerk

Het Leernetwerk vindt plaats van april tot oktober 2016 en bestaat uit vijf bijeenkomsten van een dagdeel. Er wordt gezocht naar gemeentemedewerkers die data in hun portfolio hebben, of die direct met data te maken hebben – van grote en kleine gemeenten, en wel of juist niet vergevorderd met het beschikbaarstellen van data in hun gemeente. Meld je hier aan voor het Leernetwerk. Aanmelden kan tot en met 18 maart.

Leren door te doen

De exacte inhoud van de sessies wordt gebaseerd op de behoeften van de deelnemers. Mogelijke onderwerpen zijn vraag en aanbod, opendatabeleid, privacy en auteursrecht –ook in combinatie met de Wet Hergebruik Overheidsinformatie. De basis voor de bijeenkomsten is co-creatie van kennis door deelnemers en experts. Mogelijke onderwerpen zijn vraag en aanbod, opendatabeleid, privacy en auteursrecht – ook in combinatie met de Wet Hergebruik Overheidsinformatie. De basis voor de bijeenkomsten is co-creatie van kennis door deelnemers en experts.We verwachten actieve deelname en voorbereiding van alle deelnemers om de leerervaring te maximaliseren. We vragen iedereen dan ook om een experiment in te brengen. We verwachten dat deelnemers ook buiten de sessies actief met dit experiment aan de slag gaan.

Data van de bijeenkomsten

De sessies vinden plaats in de middag van 13.00 tot 17.00 uur. Deelnemers worden verzocht om bij alle bijeenkomsten aanwezig te zijn. Hieronder vind je de data:

  • Maandag 11 april (met aansluitende borrel)
  • Maandag 9 mei
  • Maandag 6 juni
  • Maandag 27 juni
  • Maandag 19 september

Locatie

De eerste bijeenkomst vindt plaats bij Kennisland in Spring House, De Ruijterkade 128 te Amsterdam. De overige bijeenkomsten worden bij deelnemende gemeenten georganiseerd.

Meer informatie

Lees hier meer informatie over het Leernetwerk. Voor vragen kun je contact opnemen met Tessa de Geus van Kennisland.

Actieplan Open Overheid 2016-2017

Het Actieplan Open Overheid is afgelopen december naar de Tweede Kamer verstuurd. Het plan bevat de ambities en acties van het kabinet en haar partners ter bevordering van een open overheid.

Actieplan 2016-2017

Het actieplan 2016-2017 zet in op het actief beschikbaar stellen van overheidsinformatie en het stimuleren van een open houding en gedrag bij overheden. Hieraan geven de departementen onder andere invulling met activiteiten in de nationale open data agenda, welke onderdeel zijn van dit actieplan. Download het Actieplan Open Overheid hier.

Rol gemeenten

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten doet actief mee in het actieplan. Zij verdiept en verbreedt namens gemeenten de pilot ‘open raadsinformatie’. Deze informatie maakt de overheid voor burgers transparanter, toegankelijker en stelt ondernemers in staat om nieuwe toepassingen te ontwikkelen. Met oog op dit laatste stimuleert het actieplan ook het hergebruik van open data. Ook de Digitale Steden Agenda draagt bij aan de uitvoering van het plan.

Uitvoering

Op woensdag 3 februari vindt een startsessie plaats bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Je kunt je daarvoor hier aanmelden.

 

 

 

 

 

De Publieke Waarde(n) van Open Data

Als onderdeel van het Meerjarig Kennisprogramma Intelligent Bestuur, waarin de Ministeries van BZK, EZ, OCW met de NSOB en de USBO samenwerken, is een essay tot stand gekomen over de publieke waarde(n) van open data. Er is onderzoek gedaan naar wat open data oplevert en er worden handvatten aangereikt voor een open data strategie. Niet alleen technologisch, maar ook sociaal en organisatorisch worden door open data veranderingen teweeg gebracht. Een interessant essay over hoe open data systemen en verhoudingen onthutsen.

De strategie

Door het onderzoeksteam zijn 5 bouwstenen gedefinieerd voor een doordachte strategie:

  • Van het openen van data naar coproductie van publieke waarde
  • Van veronderstellen naar realiseren van meervoudige publieke waarde(n)
  • Van eenzijdige actie naar een maatschappelijk leerproces rondom open data
  • Van kansen voor iedereen naar aandacht voor verdelingsvraagstukken
  • Van rekenen op winst naar het saldo bepalen

Het volledige essay is terug te lezen op de website van de NSOB.